Niet de schrijver, de lezer moet fantasie hebben.
(Harry Mulisch)

zondag 6 januari 2013

De Top Drie (21) van


Annemie Bernaerts (1971) baat met haar man boekhandel Theoria uit in Kortrijk.

Er zijn meerdere titels die in het lijstje van mijn favoriete boeken van 2012 voorkomen, maar als ik er drie moet uitpikken zijn het de volgende:

Nr 1.

Toen Kelderkind van Kristien Dieltiens me bij de eerste aanbieding door de uitgeverij werd voorgesteld, was ik onmiddellijk verkocht. De cover van het boek werd getekend door een van mijn favoriete illustratoren, Carll Cneut. Alleen de cover al is een pareltje, maar de gehele vormgeving, niet te veel tekst, strak lettertype, … maakt dit tot een feestboek.  
Kelderkind is het vijftigste boek van Dieltiens en ze heeft er acht jaar over gedaan om dit boek ook historisch een correct plaatsje te geven. De twee verhaallijnen, deze van Kaspar het kelderkind en Manfred met de hazenlip, vloeien wonderbaarlijk mooi door mekaar. Vanaf de allereerste bladzijde heerst er een spanning die traag maar zeer intens naar een hoogtepunt gaat doorheen het verhaal. Ook al is dit boek een jongerenboek, we hebben het menig volwassen lezer in onze winkel aangeraden, en telkens opnieuw werd het met een heerlijk enthousiasme en bewondering onthaald. 



Nr 2. 

Tonio van A. F. Th. van der Heijden. 
Een intense ode van een vader aan zijn overleden zoon. Het is geen boek dat je in een ruk uitleest, maar een verhaal dat je beetje bij beetje, pagina per pagina volledig opzuigt in het verdriet en het verwerken van dat verdriet. Het is een subliem warm maar tevens zeer rauw relaas van herinneringen en emoties van een vader die zijn zoon veel te jong moet loslaten door een verkeersongeluk. Het verdriet waarmee zowel moeder als vader moeten mee leven is immens, en beiden verwerken dit verdriet op een andere manier. Voor van der Heijden is schrijven over zijn zoon een herbeleven van fragmenten uit zijn leven, een plaats geven aan zijn overleden zoon in zijn leven zonder hem. Een machtig prachtig boek!




Nr 3.

We hadden de winkel nog niet lang en ik was op zoek naar een dun boek. De inhoud maakte niet veel uit. Ik begon in Dinsdag van Elvis Peeters. De roman greep me onmiddellijk. Een zeer strak geschreven verhaal, bijna emotieloos en toch voel je enig medelijden met het hoofdpersonage. Je volgt het hoofdpersonage van bij het ochtendgloren tot het slapengaan op een doodgewone dinsdag. Je volgt hem in zijn doen en laten maar ook in zijn gedachtengang. Ik had het boek op enkele uren uit, het leest als een trein en bij het sluiten van het boek, na het lezen van de laatste bladzijde kan je niet anders dan denken: wat een smeerlapke en toch …
We hebben ondertussen het genoegen gehad om kennis te maken met het schrijversduo achter Elvis Peeters en dat maakt het lezen van het boek nog zo veel rijker. Weten dat meneer en mevrouw elk apart op hun eigen plaatsje schrijven, lezen, herschrijven om dan elke vrijdagmorgen een koffie uit huis te drinken en mekaars werk te verbeteren om het dan feilloos in mekaar te doen passen, maakt van dit boek een uniek stuk dat terecht op de AKO-shortlist stond en van ons part ook best had mogen winnen.

zaterdag 5 januari 2013

De Top Drie (20) van


Peter Rodrigues (1957) is Foodondernemer (Bio Bakkerij De Trog, Sund'n'Sol', Roomijs Missault, Barista Cofffee&Cake) en verzamelaar van hedendaagse beeldende kunst.

Nr 1.

Het volgende artikeltje in de krant van zaterdag 15 december trok mijn aandacht:
“Prof. dr. Stephen Hawking en zijn collega-wiskundigen willen dat de Britse regering postuum gratie verleent aan Alan Turing. Turing ontcijferde de Duitse Enigma-code in WO II maar werd veroordeeld voor homoseksualiteit. Turing pleegde zelfmoord. De wetenschappers willen nu gratie voor hem.” 
Op zondag 16 december word ik uitgenodigd mijn boekentopdrie van 2012 te geven, d.w.z. de drie beste boeken die ik in 2012 heb gelezen. “ Ze hoeven niet in 2012 te zijn gepubliceerd, in om het even welk genre.
Toeval ?
Mijn absolute top 1 is immers een klepper van 1.075 blz geschreven in 1999 door Neal Stephenson en getiteld Cryptonomicon. Het verhaal start bij de aanvang van Wereldoorlog II in Cambridge met de prille vriendschap tussen drie wereldvreemde wiskundige genieën, die elk een fundamentele rol zullen spelen in het verloop van deze oorlog door hun bijdrage in het coderen en decoderen van de oorlogsinstructies van de geallieerden enerzijds en Duitsland en Japan anderzijds.
Hoofdrolspelers zijn Alan Turing uit het hierboven geciteerde krantenartikel, Enoch Root, Lawrence Pritchard Waterhouse en hun respectievelijke nakomelingen en geliefden en slingert in een waanzinnig tempo heen en weer tussen de oorlogsjaren en het hedendaagse wereldje van internet cryptografen , met als inzet een niet te vatten hoeveelheid goudstaven die Duitse onderzeers op verzoek van de Japanse overheid naar de Fillipijnen verscheepten. Ondanks de ongelooflijk ingewikkelde doolhof van wiskundige kopbrekens gaat het boek uiteindelijk over vriendschap en het vertrouwen dat echte vriendschap kenmerkt.
Ik had het boek een tiental jaren geleden voor het eerst gelezen en dan aan een vriend uitgeleend, die echter nooit de moed heeft gehad om door de werkelijk diabolisch ingewikkelde verhaallijn te bijten.
In het buitenverblijf van een vriend in Sardinië heb ik het boek deze zomer teruggevonden en in een ruk weer uitgelezen. Gewoon weergaloos en een absolute must voor wie aan hersengymnastiek wil doen.

Nr 2.

Mijn nummer twee getuigt van het absolute tegendeel inzake (a)moraliteit en vriendschap. In het boek De Nazi en de kapper poelt Edgar Hilsenrath zijn lezer onder in de meest afstandelijke en van elke emotionele betrokkenheid ontdane beschrijving van de absoluut perverse levenslijn van zijn hoofdpersonage, SS’er en massamoordenaar, Max Schultz.
Net zoals in dat andere ongevenaarde meesterwerk Les Bienveillantes van Jonathan Littel, is deze bijna banaliserende benadering van het gedrag van het individu temidden het geweld van de nazistische “endlösung”, blijkbaar de enige juiste manier om te duiden waartoe een mens in staat van oorlog toe in staat is.
Niet voor gevoelige lezers!

Nr 3.

Ook mijn derde keuze handelt over de staat van oorlog, ditmaal in het hedendaagse verleden , in het door de Amerikaanse GI’s veroverde Irak en de beschavingsoorlog die dit bij de jonge plattelandsbevolking provoceert.
Glashelder beschrijft Yasmina Khadra in De sirenen van Bagdad de spontane haat die uit de totale ontreddering over het gedrag van de Amerikaanse elitetroepen resulteert. Het ‘Arabisch’ (– Irakezen zijn geen Arabieren -) ‘religieus’ ( – Irakezen stonden niet echt gekend voor hun religieus fanatisme - ) fundamentalisme vindt zijn oorsprong in de banale miskenning van de culturele en menselijke eigenwaarde van een volk en het individu. Dit is van alle tijden, alleen wordt het ditmaal door een Algerijnse auteur in een uitmuntende roman gegoten.

vrijdag 4 januari 2013

De Top Drie (19) van


Kristin Verboven (1964) werkt bij de Vlaamse Radio- en Televisieomroep (VRT). Ze heeft eerder gewerkt voor Kunstzaken, de nieuwsdienst en Ketnet en is nu verantwoordelijk voor cobra.be en Hoera Cultuur!, een nieuw programma op Canvas.

Dit is geen top 3 maar wel een selectie van drie boeken uit de velen die ik afgelopen jaar las. Drie boeken die om één of andere reden blijven hangen, drie markante boeken die voor mij iets betekenen :

John Irving met In een mens. 
Irving is een blijver, komt regelmatig met iets nieuws. In een mens is (eindelijk!) opnieuw het boek waarin Irving een standpunt neemt, politiek geëngageerd is, een maatschappelijk thema bespeelt. Met het thema van homofilie. En dat in een het puriteinse USA: zogenaamd tolerant, maar als het er op aan komt zo intolerant. Een maatschappij waar homo’s (nog) niet mogen/kunnen trouwen, waar gaybashing dagelijkse kost is… Irving neemt dit thema op en verplicht de lezer een standpunt in te nemen. Hij schreef een boek met een boodschap! 


Sayed Kashua met Tweede persoon enkelvoud. 
Kashua is vooral gekend als columnist en televisiemaker en ook als schrijver. Hij neemt ook een bijzondere plaats in de joods-palestijnse kwestie. Een Palestijn met de Israelische nationaliteit, die lesgeeft aan een joodse universiteit en schrijft in het Hebreeuws! Deze bijzondere achtergrond vind je ook terug in Tweede persoon enkelvoud, Kashua’s achtergrond is de achtergrond van zijn hoofdpersonage. Een boek over een koppel, een huwelijk in crisis en hoe het koppel, hun familie en vrienden hiermee omgaan. En hoe je met die achtergrond leeft in een complexe maatschappij. Kashua ontving voor dit boek de prestigieuze Bernstein-prijs!


John Lanchester met Kapitaal. 
Lanchester was mij – hoe erg ! – onbekend, maar is met dit boek ontdekt. Een Londense straat met haar bewoners en hoe die met het leven omgaan en met geld. Even dacht ik een “yup-roman” uit de jaren tachtig in handen te hebben. Maar Lanchester bekijkt zijn personages met de bril van de eenentwintigste eeuw : de financiële investeerder die ten onder gaat, de asielzoeker/statenloze die wil overleven, het oudje in confrontatie met de dochter en kleinzoon…. Allen bewoners van een Londense straat en hoe ze in het leven staan. Ook hoe ze al dan niet met elkaar in relatie staan. Lanchester schreef een goed leesbare roman over mensen, zeer verschillende mensen! Drie boeken, met drie eigentijdse thema’s. Drie zeer verschillende boeken waarvan ik ten volle genoten heb.